Golfsurfverwachting

Drie dingen bepalen of er iets te surfen valt: hoe hoog de golven zijn, hoeveel tijd er tussen de golven zit, en wat de wind met het golfvlak doet. Deze pagina rekent die drie per strand door, voor vandaag en de drie dagen erna.

Goede golven zijn ruw water. Hoe hoger deze verwachting, hoe harder het water werkt: muien en stromingen zijn het sterkst op precies de dagen die hier goed scoren, en koud water maakt alles korter. Kijk op het strand naar de vlaggen en de borden, ga niet alleen het water in en volg de aanwijzingen van de reddingsbrigade.

Stranden aan de kust

Bijgewerkt om 22:12

Hoe deze verwachting werkt

De golfhoogte komt uit het zeemodel van Open-Meteo. Dat model rekent op een punt buitengaats: het getal is de geschatte zeegang op open water, niet de hoogte van de breker op de zandbank. Banken, strekdammen en havenmonden kan het model niet zien.

De golfperiode is de tijd tussen twee golven, en verraadt het verschil tussen korte windgolven en geordende deining. Aan de Nederlandse kust is vrijwel alles windgolf van vier tot zes seconden; zeven seconden of meer is hier een goede dag.

De wind bepaalt het golfvlak. Aflandige wind, van het land de zee op, strijkt de golven glad; aanlandige wind hakt ze kapot. Dat is precies andersom dan bij de kwallenverwachting, waar aanlandige wind juist de motor is.

Wat deze verwachting niet weet: het getij. Veel Nederlandse plekken werken alleen rond een bepaald tij, en dat zit nog niet in het model. De verwachting rekent bovendien over het venster van 10:00 tot 18:00, terwijl surfers vaak juist vroeg gaan.

De verwachting is een berekening, geen waarneming, en zegt iets over de golven, nooit over wat voor jou verstandig is. Elke plek is anders; wie er niet bekend is, vraagt het aan surfers of de reddingsbrigade ter plekke.

Golfhoogte, golfperiode en wind: Open-Meteo.